Vr. 174. Wat wordt tijdens de bediening ervan vereist van wie het avondmaal des Heren ontvangen?
Antw. Van diegenen die het avondmaal des Heren ontvangen wordt tijdens de bediening ervan vereist dat zij met alle heilige eerbied en aandacht zich geheel en al aan God toevertrouwen in deze instelling, ijverig de sacramentele elementen en handelingen waarnemen, opmerkzaam het lichaam des Heren onderscheiden, en met ontvankelijkheid zijn dood en lijden overdenken, en daardoor zichzelf tot een krachtig gebruik van de genadegaven daarvan opwekken, in het beoordelen van zichzelf en het hebben van berouw over hun zonden, in een ernstig hongeren en dorsten naar Christus, zich gelovig met Hem voeden, zijn volheid ontvangen, vertrouwen stellen in zijn verdiensten, zich verheugen in zijn liefde, dankzeggen voor zijn genade; in het vernieuwen van hun verbond met God, en liefde tot alle heiligen.
- Leviticus 10:3.
- Hebreeën 12:18.
- Psalm 5:7.
- 1 Korintiërs 11:17,26,27.
- Exodus 24:8.
- Mattheüs 26:28.
- 1 Korintiërs 11:29.
- Lucas 22:19.
- 1 Korintiërs 10:3-5,11,14.
- 1 Korintiërs 11:26.
- 1 Korintiërs 11:31.
- Zacharia 12:10.
- Openbaring 22:17.
- Johannes 6:35.
- Johannes 1:16.
- Filippenzen 1:16.
- Psalm 63:4,5.
- 2 Kronieken 30:21.
- Psalm 22:26.
- Jeremia 1:5.
- Psalm 1:5.
- Handelingen 2:42.