Samenvatting van de Christelijke Plichten
Vr. 127. Wat is de eer die ondergeschikten aan hun meerderen verschuldigd zijn?
Antw. De eer die ondergeschikten aan hun meerderen verschuldigd zijn bestaat uit: alle schuldige eerbied opbrengen in ons hart |, in woord en gedrag, in gebed en dankzegging voor hen, in het navolgen van hun deugden en vriendelijkheid, gewillige gehoorzaamheid aan hun wettige bevelen en besluiten, de verschuldigde onderwerping aan hun bestraffingen, trouw aan hun persoon en gezag, de verdediging en handhaving ervan, al naar hun respectieve rang en de aard van hun stand; geduld hebben met hun zwakheden en die in liefde bedekken. Zo zullen zij tot eer zijn van hen persoonlijk en van hun bestuur.
- Maleachi 1:6.
- Leviticus 19:3.
- Spreuken 31:28.
- 1 Petrus 3:6.
- Leviticus 19:32.
- 1 Koningen 2:19.
- 1 Timoteüs 2:1,2.
- Hebreeën 13:7.
- Filippenzen 3:17.
- Efeziërs 6:1,2,5-7.
- 1 Petrus 2:13,14.
- Romeinen 13:1-5.
- Hebreeën 13:17.
- Spreuken 4:3,4.
- Spreuken 23:22.
- Exodus 18:19,24.
- Hebreeën 12:9.
- 1 Petrus 2:18-20.
- Titus 2:9,10.
- 1 Samuël 26:15,16.
- 2 Samuël 18:3.
- Ester 6:2.
- Mattheüs 22:21.
- Romeinen 13:6,7.
- 1 Timoteüs 5:17,18.
- Galaten 6:6.
- Genesis 45:11.
- Genesis 47:12.
- Psalm 127:3-5.
- Spreuken 31:23.