Samenvatting van de Christelijke Plichten
Vr. 144. Welke plichten worden er in het negende gebod vereist?
Antw. De plichten die in het negende gebod vereist worden zijn: het bewaren en bevorderen van de waarheid, en van de goede naam van onze naaste en die van onszelf, het opkomen voor de waarheid en daarvoor staan, en die van harte, oprecht, vrij, duidelijk en volledig spreken, en die alleen, in zaken van rechtspraak en recht, en in alle andere aangelegenheden; het hebben van een menslievende achting voor onze naasten door hun goede naam lief te hebben, die te wensen en ons erin te verheugen ons te bedroeven over hun zwakheden, en die te bedekken; het openlijk erkennen van hun gaven en talenten, het verdedigen van hun onschuld een bereidwillig aanvaarden van goede berichten over hen en onwilligheid om slechte dingen over hen aan te horen; het ontmoedigen van verklikkers, vleiers en lasteraars; het liefhebben van en zorghebben voor onze eigen goede naam en die te verdedigen wanneer dat nodig is het houden van wettig gegeven beloften, streven naar alles wat waar, eerlijk en aantrekkelijk is of wat goed bekend staat en dat in praktijk brengen.
- Zacharia 8:16.
- 3 Johannes 1:12.
- Spreuken 31:8,9.
- Psalm 15:2.
- 2 Kronieken 19:9.
- 1 Samuël 19:4,5.
- Jozua 7:19.
- 2 Samuël 14:18-20.
- Leviticus 19:15.
- Spreuken 14:5,25.
- 2 Korintiërs 1:17,18.
- Efeziërs 4:25.
- Hebreeën 6:9.
- 1 Korintiërs 13:7.
- Romeinen 1:8.
- 2 Johannes 1:4.
- 3 Johannes 1:3,4.
- 2 Korintiërs 2:4.
- 2 Korintiërs 12:21.
- Spreuken 17:9.
- 1 Petrus 4:8.
- 1 Korintiërs 1:4,5,7.
- 2 Timoteüs 1:4,5.
- 1 Samuël 22:14.
- 1 Korintiërs 13:6,7.
- Psalm 15:3.
- Spreuken 25:23.
- Spreuken 26:24,25.
- Psalm 101:5.
- Spreuken 22:1.
- Johannes 8:49.
- Psalm 15:4.
- Filippenzen 4:8.