Vr. 196. Wat leert het slot van het Gebed des Heren ons?
Antw. Het slot van het Gebed des Heren — dat luidt: Want van U is het Koninkrijk en de kracht en de heerlijkheid in der eeuwigheid, Amen — leert ons om onze gebeden met argumenten te versterken. Die moeten niet worden ontleend aan enige waardigheid in onszelf of in een ander schepsel, maar aan God. Het leert ons ook om bij onze gebeden lofzeggingen te voegen, en daarin aan God alleen eeuwige soevereiniteit, almacht en heerlijke uitnemendheid toe te schrijven. Aangezien Hij in staat en bereid is om ons te helpen, zijn wij door het geloof zo vrijmoedig om Hem met het oog daarop te smeken dat Hij onze gebeden wil verhoren, en vertrouwen wij er rustig op dat Hij dat zal doen. En, om van onze begeerte en zekerheid te getuigen, zeggen wij: Amen.
- Mattheüs 6:13.
- Romeinen 15:30.
- Daniël 9:4,7-9.
- Daniël 16-19.
- Filippenzen 4:6.
- 1 Kronieken 29:10-13.
- Efeziërs 3:20,21.
- Lucas 11:13.
- 2 Kronieken 20:6,11.
- 2 Kronieken 14:11.
- 1 Korintiërs 14:16.
- Openbaring 22:20,21.