Van de plechtige voltrekking van het huwelijk
Van de plechtige voltrekking van het huwelijk
Directionarium voor de Openbare Godsdienst van de Westminster Vergadering (1645): een complete gids voor de gereformeerde openbare eredienst
HOEWEL het huwelijk geen sacrament is, noch eigen aan de kerk Gods, maar gemeen aan het gehele mensdom en van openbaar belang in iedere gemeenschap; toch, aangezien zij die trouwen dit in de Heere doen, en bijzondere behoefte hebben aan onderricht, leiding en vermaning uit het Woord Gods, bij het intreden in die nieuwe staat, en aan de zegen Gods over hen, achten wij het gepast dat het huwelijk plechtig voltrokken wordt door een wettige dienaar van het Woord, opdat hij hen moge raden en voor een zegen over hen moge bidden.
Het huwelijk moet zijn tussen één man en één vrouw; en dezen mogen zich niet bevinden binnen de graden van bloedverwantschap of aanverwantschap die door het Woord Gods verboden zijn; en de aanstaande echtgenoten moeten van bezonnen leeftijd zijn, bekwaam om hun eigen keuze te maken, of, om goede redenen, hun wederzijdse instemming te geven.
Alvorens het huwelijk tussen enige personen plechtig te voltrekken, zal de dienaar het voornemen tot het huwelijk drie rustdagen tevoren afkondigen, in de gemeente, op de plaats of plaatsen van hun meest gewone en bestendige verblijf, respectievelijk. En van deze afkondiging moet de dienaar die hen in de echt zal verbinden, voldoende getuigenis hebben, alvorens over te gaan tot de plechtige voltrekking van het huwelijk.
Vóór de afkondiging van hun voornemen (indien de aanstaande echtgenoten minderjarig zijn), moet de toestemming van de ouders, of van andere personen onder wier macht zij zich bevinden (ingeval de ouders overleden zijn), bekendgemaakt worden aan de kerkelijke ambtsdragers van die gemeente, opdat daarvan aantekening gehouden worde.
Hetzelfde moet in acht genomen worden bij de handelingen van alle anderen, ook al zijn zij meerderjarig, wier ouders nog leven, voor hun eerste huwelijk.
En, bij latere huwelijken van een van die partijen, zal men hen aansporen niet te trouwen zonder eerst hun ouders daarvan in kennis te stellen (indien dit gevoeglijk kan geschieden), trachtend hun toestemming te verkrijgen.
De ouders mogen hun kinderen niet dwingen te trouwen zonder hun vrije instemming, noch hun eigen toestemming weigeren zonder rechtvaardige oorzaak.
Nadat het voornemen of het huwelijkscontract afgekondigd is, mag het huwelijk niet lang uitgesteld worden. Daarom moet de dienaar, na behoorlijk gewaarschuwd te zijn, en zonder dat er iets tegen is, het openlijk voltrekken op de door de overheid voor de openbare eredienst aangewezen plaats, in tegenwoordigheid van een voldoend aantal geloofwaardige getuigen, op een gepast uur van de dag, in enige tijd van het jaar, behalve op een dag van openbare verootmoediging. En wij raden aan dat het niet op de dag des Heeren zij.
En omdat alle betrekkingen geheiligd worden door het Woord en het gebed, moet de dienaar bidden opdat zij gezegend worden, tot dit doel:
"Onze zonden erkennende, waardoor wij minder geworden zijn dan de geringste van alle barmhartigheden Gods, en Hem geprikkeld hebben om al onze genoegens te verbitteren; ernstig, in de naam van Christus, de Heere smekend (Wiens tegenwoordigheid en gunst het geluk van elke staat is, en elke betrekking verzoet) dat Hij hun deel zij, en hen bezitte en aanneme in Christus, die nu verenigd zullen worden in de eerbare staat des huwelijks, het verbond van hun God: en dat Hij, zoals Hij hen door Zijn voorzienigheid samengebracht heeft, hen door Zijn Geest heilige, hun een nieuwe gemoedsgesteldheid gevende, passend bij hun nieuwe staat; hen verrijkende met alle genaden om de plichten te vervullen, de genoegens te genieten, de zorgen te dragen en de verzoekingen te weerstaan die die staat vergezellen, zoals christenen betaamt."
Nadat het gebed beëindigd is, is het gepast dat de dienaar hun kort verklaart, uit de Schrift,
"De instelling, het gebruik en de doeleinden van het huwelijk, met de huwelijksplichten die zij, met alle trouw, elkander moeten bewijzen; hen aansporende het heilige Woord Gods te bestuderen, opdat zij mogen leren door het geloof te leven, en tevreden te zijn te midden van alle huwelijkse zorgen en moeilijkheden, de naam Gods heiligende, in een dankbaar, matig en heilig gebruik van alle echtelijke genoegens; veel biddende met elkander en voor elkander; over elkander wakende en elkander opwekkende tot liefde en goede werken; en samenlevende als mede-erfgenamen van de genade des levens."
Na de plechtige verklaring van de aanstaande echtgenoten, voor het aangezicht van de grote God, Die alle harten doorzoekt, en aan Wie zij op de laatste dag strikte rekenschap zullen moeten afleggen, dat, indien iemand van hen enige oorzaak weet, door voorafgaand contract of anderszins, waardoor zij niet wettig tot het huwelijk mogen overgaan, hij die nu ontdekke; zal de dienaar (indien geen beletsel erkend wordt) eerst de man de vrouw bij de rechterhand doen nemen, zeggende deze woorden:
Ik, [ ... ], neem u, [ ... ], tot mijn vrouw, en beloof en verbind mij, in de tegenwoordigheid Gods en voor deze gemeente, u een liefdevolle en getrouwe echtgenoot te zijn, totdat God ons door de dood scheidt.
Dan zal de vrouw de man bij de rechterhand nemen, en deze woorden zeggen:
Ik, [ ... ], neem u, [ ... ], tot mijn man, en beloof en verbind mij, in de tegenwoordigheid Gods en voor deze gemeente, u een liefdevolle, getrouwe en gehoorzame echtgenote te zijn, totdat God ons door de dood scheidt.
Dan zal, zonder enige andere plechtigheid, de dienaar, in tegenwoordigheid van de gemeente, hen man en vrouw verklaren, naar de inzetting Gods; en zo de handeling besluiten met een gebed tot dit doel:
"Dat het de Heere behage Zijn eigen inzetting met Zijn zegen te vergezellen, Hem biddende dat Hij de nu getrouwde personen verrijke, zowel met andere onderpanden van Zijn liefde, als in het bijzonder met de genoegens en de vruchten van het huwelijk, tot lof van Zijn overvloedige barmhartigheid, in en door Christus Jezus."
Er moet zorgvuldig een register bijgehouden worden, waarin onmiddellijk de namen van de aanstaande echtgenoten aangetekend worden, met de datum van hun huwelijk, in een daartoe bestemd boek, opdat allen die daarbij belang hebben, dit kunnen raadplegen.