Laden

XII - Het geloof in de Heilige Geest

XII - Het geloof in de Heilige Geest

De Schotse Geloofsbelijdenis van 1560 (Scots Confession), volledige tekst: de geloofsbelijdenis van de Kerk van Schotland tot de Westminster Geloofsbelijdenis, met gratis PDF

Dit ons geloof Matth. 16.17. Joh. 14 26. Joh. 14.11. Hand. 5.4. Joh. 10.13. Kol. 2.13. Ef. 2.1. Joh. 9.39. Openb. 3.13. en de verzekerdheid daarvan komt niet voort uit vlees en bloed, dat wil zeggen, uit geen natuurlijke krachten in ons, maar is de inblazing van de Heilige Geest, Die wij belijden God te zijn, gelijk aan de Vader en aan de Zoon; Die ons heiligt en ons door zijn eigen werking in alle waarheid leidt; zonder Wie wij voor altijd vijanden van God zouden blijven en onwetend van zijn Zoon Christus Jezus. Want van nature zijn wij zo dood, zo verkeerd en blind, dat wij noch kunnen voelen wanneer wij gestoken worden, noch het licht zien wanneer het schijnt, noch instemmen met de wil van God wanneer die geopenbaard wordt, tenzij de Geest van de Heere Jezus levend maakt wat dood is, Matth. 17.17. Matth. 9.19. Luk. 9 41. Joh. 6 63. Micha 7.8. 1 Kon. 8.8. Ps. 10.3. Rom. 5.10. Joh. 3.5. Tit. 3.5. Rom. 5 8. Ps. 100.3. Ps. 1.6. 2 Kor. 3.5. Ef. 1 6. de duisternis van ons verstand wegneemt en onze hardnekkige harten buigt tot gehoorzaamheid aan zijn gezegende wil. En zoals wij belijden dat God de Vader ons geschapen heeft toen wij niet waren, en dat zijn Zoon, onze Heere Jezus, ons verlost heeft toen wij zijn vijanden waren, zo belijden wij ook dat de Heilige Geest ons heiligt en wederbaart zonder enig aanzien van enige verdienste die van ons uitgaat, hetzij vóór, hetzij na onze wedergeboorte. Om dit ene nog met duidelijker woorden te zeggen: zoals wij ons gewillig ontdoen van alle eer en roem van onze eigen schepping en verlossing, zo doen wij dat ook van onze wedergeboorte en heiligmaking; want uit onszelf zijn wij niet bekwaam één goede gedachte te denken, maar Hij Die het goede werk in ons begonnen heeft, is de enige Die ons daarin doet volharden, tot lof en heerlijkheid van zijn onverdiende genade.