XIII - Het nut dat uit deze hervorming voor alle standen zal voortvloeien
XIII - Het nut dat uit deze hervorming voor alle standen zal voortvloeien
Het Tweede Boek der Discipline van de Kerk van Schotland (1578), volledige tekst: de eerste verhandeling over de presbyteriaanse kerkregering, met gratis PDF
Aangezien het doel van dit geestelijk bestuur en deze orde, waarover wij spreken, is dat God verheerlijkt wordt, het Koninkrijk van Jezus Christus bevorderd, en dat allen die tot Zijn mystieke lichaam behoren, vreedzaam in hun geweten leven, daarom durven wij vrijmoedig verzekeren dat allen die deze doeleinden waarlijk voor ogen hebben, zelfs ter wille van het geweten gaarne met deze orde zullen instemmen en zich daaraan zullen gelijkvormig maken, en haar zullen bevorderen, zover als het in hen ligt; opdat zij, hun geweten tot rust gebracht zijnde, vervuld mogen worden met geestelijke blijdschap, door volle gehoorzaamheid te betonen aan datgene wat Gods Woord en het getuigenis van hun eigen geweten eisen, en alle verderf te verwerpen dat daarmee strijdig is.
Vervolgens zullen wij een voorbeeld en patroon van goede en godvruchtige orde worden voor andere volken, landen en kerken die dezelfde religie met ons belijden; opdat, zoals zij God verheerlijkt hebben om ons volharden in de oprechtheid van het Woord tot nu toe, zonder enige dwalingen, lof zij Zijn Naam, zij evenzo gelegenheid mogen hebben in onze wandel, wanneer wij ons gelijkvormig maken aan die tucht, dat bestuur en die goede orde die hetzelfde Woord en de zuiverheid van de Reformatie van ons eisen. Anders zou dat vreselijke vonnis terecht tot ons gezegd kunnen worden: De dienstknecht die de wil van zijn heer kent en die niet doet, enz.
Bovendien, als wij enige godsvrucht of achting hebben voor de arme leden van Jezus Christus, die zo zeer onder ons toenemen en vermenigvuldigen, zullen wij niet toelaten dat zij nog langer bedrogen worden van dat deel van het patrimonium van de Kerk dat hun rechtens toekomt; en door deze orde, als zij behoorlijk ten uitvoer gebracht wordt, zal de last van hen van ons afgenomen worden tot onze grote troost, en de straten zullen gezuiverd worden van hun geroep en gemurmureer, zodat wij geen ergernis meer zullen zijn voor andere volken, zoals wij tot nu toe geweest zijn omdat wij geen orde gesteld hebben met de armen onder ons, waardoor wij het Woord dat wij belijden, deden lasteren, de vijanden gelegenheid tot laster gaven, en de gewetens van de eenvoudigen en godvrezenden ergerden.
Daarenboven zal het een grote verlichting en een groot voordeel zijn voor het gehele gewone volk, doordat het ontlast wordt van het bouwen en onderhouden van hun kerken, van het bouwen van bruggen en andere dergelijke openbare werken; voor de bebouwers van de grond in de betaling van hun tienden; en kortom in al die dingen waarin zij tot nu toe hardvochtig behandeld zijn door hen die valselijk kerkelijke personen genoemd werden, hun pachters, zaakwaarnemers, rentmeesters en afpersers.
Tenslotte zal voor de Majesteit des Konings en het gemenebest van het land dit voordeel voortvloeien, dat, wanneer in de andere zaken van de Kerk voldoende voorzien is, overeenkomstig de uitdeling waarover gesproken is, het overschot, in de schatkist van de Kerk ingezameld, nuttig aangewend en mild besteed kan worden tot buitengewone ondersteuning van de zaken van de vorst en het gemenebest, en in het bijzonder van dat deel dat bestemd is tot herstel van de kerken.
Om dan te besluiten: wanneer allen bereid zijn zich naar deze orde te voegen, het volk zich daarnaar laat regeren, de vorsten en overheden daarvan niet vrijgesteld zijn, en zij die in de kerkelijke stand geplaatst zijn recht regeren en besturen, zal God verheerlijkt worden, de Kerk gesticht en haar grenzen uitgebreid, Christus Jezus en Zijn Koninkrijk opgericht, satan en zijn rijk omvergeworpen, en God zal in ons midden wonen, tot onze troost, door Jezus Christus, Die met de Vader en de Heilige Geest gezegend blijft in alle eeuwigheid. Amen.