De staat van de mens na de dood, en de opstanding der doden
De staat van de mens na de dood, en de opstanding der doden
De staat van de mens na de dood, en de opstanding der doden - Hoofdstuk van de Westminster Geloofsbelijdenis
Het lichaam van de mens keert na het sterven weer tot stof en ziet het verderf.571 Maar zijn ziel — die noch sterft noch slaapt — die een onsterfelijke subsistentie heeft, keert onmiddellijk weer tot God die haar gegeven heeft.572 De zielen van de rechtvaardigen, die dan in heiligheid volkomen gemaakt worden, worden in de hoogste hemelen ontvangen, waar zij het aangezicht van God in licht en heerlijkheid zullen aanschouwen en zullen wachten op de volle verlossing van hun lichaam.573 Maar de zielen van de bozen worden in de hel geworpen, waar zij in kwellingen en in de buitenste duisternis bewaard blijven tot het oordeel van de grote dag.574 Behalve deze twee plaatsen, waar de zielen verblijven, gescheiden van hun lichamen, erkent de Schrift geen andere.
- 571. Genesis 3:19.
- Handelingen 13:36.
- 572. Lucas 23:43.
- Prediker 12:7.
- 573. Hebreeën 12:23.
- 2 Korintiërs 5:1,6,8.
- Filippenzen 1:23.
- Handelingen 3:21.
- Efeziërs 4:10.
- 574. Lucas 16:23,24.
- Handelingen 1:25.
- 1 Petrus 3:19.
- Judas 1:6,7.
Wie op de laatste dag levend bevonden worden zullen niet sterven, maar worden veranderd.575 En alle doden zullen worden opgewekt met precies hetzelfde lichaam — en geen ander, hoewel met andere hoedanigheden. En deze zullen voor eeuwig met hun zielen worden herenigd.576
- 575. 1 Thessalonicenzen 4:17.
- 1 Korintiërs 15:51,52.
- 576. Job 19:26,27.
- 1 Korintiërs 15:42-44.
De lichamen van de onrechtvaardigen zullen door de kracht van Christus worden opgewekt tot oneer, en de lichamen van de rechtvaardigen, door zijn Geest, tot eer en aan zijn eigen verheerlijkt lichaam gelijkvormig gemaakt worden.577
- 577. Handelingen 24:15.
- Johannes 5:28,29.
- 1 Korintiërs 15:43.
- Filippenzen 3:21.