Het laatste oordeel
Het laatste oordeel
Het laatste oordeel - Hoofdstuk van de Westminster Geloofsbelijdenis
God heeft een dag vastgesteld waarop Hij de wereld in rechtvaardigheid zal oordelen door Jezus Christus,578 aan Wie alle macht en bevoegdheid om te oordelen door de Vader gegeven is.579 Op die dag zullen niet alleen de afvallige engelen worden geoordeeld,580 maar evenzo zullen ook alle mensen die op de aarde geleefd hebben voor de rechterstoel van Christus verschijnen om rekenschap af te leggen van hun gedachten, woorden en daden, en om te ontvangen naar wat zij in het lichaam hebben gedaan, hetzij goed hetzij kwaad.581
- 578. Handelingen 17:31.
- 579. Johannes 5:22,27.
- 580. 1 Korintiërs 6:3.
- 2 Petrus 2:4.
- Judas 1:6.
- 581. 2 Korintiërs 5:10.
- Prediker 12:14.
- Romeinen 2:16.
- Romeinen 14:10,12.
- Mattheüs 12:36,37.
Gods doel met het vaststellen van deze dag is de openbaring van de heerlijkheid van zijn genade in de eeuwige zaligheid van de uitverkorenen, en van zijn rechtvaardigheid in de verdoemenis van de verworpenen, die boos en ongehoorzaam zijn. Want dan zullen de rechtvaardigen het eeuwige leven binnengaan en de volheid van vreugde en verkwikking ontvangen die van het aangezicht des Heren komt. Maar de bozen, die God niet kennen en het evangelie van Jezus Christus niet gehoorzamen, zullen in eeuwige kwellingen worden geworpen en gestraft worden met een eeuwigdurende verwijdering van voor het aangezicht van de Here en de heerlijkheid van zijn kracht.582
- 582. Mattheüs 25:31-46.
- Romeinen 2:5,6.
- Romeinen 9:22,23.
- Mattheüs 25:21.
- Handelingen 3:19.
- 2 Thessalonicenzen 1:7,10.
Zoals Christus ons vast overtuigd zou willen hebben dat er een oordeelsdag zal zijn, beide om alle mensen af te houden van het zondigen en tot sterkere vertroosting van de Godvrezenden in hun tegenspoed,583 zo wil Hij die dag voor mensen verborgen houden, zodat ze alle vleselijke zekerheden van zich afschudden en altijd waakzaam zullen zijn omdat zij niet weten op welk uur de Here zal komen, en ze altijd bereid zijn om te zeggen: Kom, Here Jezus, kom spoedig. Amen.584
- 583. 2 Petrus 3:11,14.
- 2 Korintiërs 5:10,11.
- 584. Mattheüs 24:36,42,43,44.
- Markus 13:35,36,37.
- Lucas 12:35-37.
- Openbaring 22:20.