Laden

Het huwelijk en de echtscheiding

Het huwelijk en de echtscheiding

Het huwelijk en de echtscheiding - Hoofdstuk van de Westminster Geloofsbelijdenis
  1. Een huwelijk moet worden gesloten tussen één man en één vrouw. Het is voor een man niet geoorloofd meer dan één vrouw te hebben, en voor een vrouw om meer dan één echtgenoot tegelijkertijd te hebben.476

    • 476. Genesis 2:24.
    • Mattheüs 19:5,6.
    • Spreuken 2:17.
  2. Het huwelijk is ingesteld voor de wederzijdse hulp van man en vrouw,477 voor de uitbreiding van de mensheid met wettige nakomelingen, en van de kerk met een heilig zaad,478 en om onkuisheid te voorkomen.479

    • 477. Genesis 2:18.
    • 478. Maleachi 2:15.
    • 479. 1 Korintiërs 7:2,9.
  3. Iedereen mag trouwen die in staat is om met goed verstand zijn toestemming te geven.480 Maar Christenen zijn verplicht om alleen in de Here te trouwen.481 En daartoe moeten degenen die de ware gereformeerde religie belijden niet trouwen met ongelovigen, papisten of andere afgodendienaars. Ook zullen Godvrezende mensen geen ongelijk span vormen door te trouwen met wie bekend staan als slecht in hun levenswandel of verfoeilijke ketterijen aanhangen.482

    • 480. Hebreeën 13:4.
    • 1 Timoteüs 4:3.
    • 1 Korintiërs 7:36-38.
    • Genesis 24:57,58.
    • 481. 1 Korintiërs 7:39.
    • 482. Genesis 34:14.
    • Exodus 34:16.
    • Deuteronomium 7:3,4.
  4. Een huwelijk behoort niet te worden gesloten binnen de graden van bloedverwantschap of verzwagering die in het Woord worden verboden.483 Ook kunnen zulke bloedschendige huwelijken nooit wettig gemaakt worden door een menselijke wet of door de toestemming van de partijen zodat deze personen zouden mogen samenleven als man en vrouw.484 Een man mag niemand van de familie van zijn vrouw trouwen die in bloedverwantschap dichter tot hem staat dan hij in zijn eigen familie zou mogen trouwen, en een vrouw niet met iemand uit haar mans familie die dichter tot haar staat in bloedverwantschap dan zij in haar eigen familie zou mogen trouwen.487

    • 483. Leviticus 18:1-30.
    • 1 Korintiërs 5:1.
    • Amos 2:7.
    • 484. Markus 6:18.
    • Leviticus 18:24-28.
    • 487. Leviticus 20:19,21.
  5. Overspel of ontucht gepleegd na het aangaan van een verloving en die wordt ontdekt vóór de trouwdag, geeft aan de onschuldige partij het recht om de verloving te verbreken.488 In geval van overspel na de trouwdag is de onschuldige partij gerechtigd om echtscheiding aan te vragen489 en om nadat deze uitgesproken is iemand anders te trouwen, alsof de partij die overtreden heeft dood was.490

    • 488. Mattheüs 1:18-20.
    • 489. Mattheüs 5:31,32.
    • 490. Mattheüs 19:9.
    • Romeinen 7:2,3.
  6. Hoewel de verdorvenheid van de mens zo groot is dat hij geneigd is om naar argumenten te zoeken om op onrechtmatige manier te scheiden degenen die God in het huwelijk samengevoegd heeft, toch is er geen voldoende reden om de band van het huwelijk te verbreken dan bij overspel of zulke moedwillige verlating die op geen enkele manier door de kerk of door de burgerlijke overheid geheeld kan worden.491 Daarbij moet een publieke en ordelijke procedure in acht genomen worden, en de betreffende personen dienen niet aan eigen wil en vrijheid van handelen in eigen zaak te worden overgelaten.492

    • 491. Mattheüs 19:8,9.
    • 1 Korintiërs 7:15.
    • Mattheüs 19:6.
    • 492. Deuteronomium 24:1-4.